 |
Noodlottige scènes uit een literair huwelijk
Blad: Armada Datum: 2010-04-14
De sleutelromans van Natascha Wodin en Wolfgang Hilbig
Ik weet niet wat het voor mij betekent de overlevende van ons verhaal te zijn. Ik zit in de nacht en wacht op het antwoord. Ik wacht op de woorden, die ik door hem ben kwijtgeraakt. Misschien, dat denk ik vaak, heeft het me helemaal niets opgeleverd hem te verlaten. Misschien heeft hij me voor altijd tot zwijgen gebracht.
Aldus de hoofdpersoon op de laatste bladzijde van Nachtgeschwister, als ze na de dood van de dichter Jakob Stumm nadenkt over het raadsel van hun relatie, die van 1985 tot ongeveer 2000 duurde. Wat haar in elk geval overblijft, is wat er in het begin was: zijn gedichten. En zijn innerlijke klok in haar lichaam, het nachtbestaan dat ze van hem heeft geërfd.
Het is een hele toer de ik-figuur en haar schepper, de Duits-Russische Natascha Wodin (1945), uit elkaar te houden, het is ook niet vol te houden. De roman Nachtgeschwister (2009) is de literaire verwerking van Wodins leven met de Oost-Duitse schrijver Wolfgang Hilbig (1941–2007). Net zoals zijn roman Das Provisorium (2000) onder meer over het leven van protagonist C. met Hedda Rast gaat, Hilbigs literaire schepping van Natascha Wodin.
Twee sleutelromans die de roddelbladennieuwsgierigheid aanwakkeren. Je kijkt als lezer tot diep in de slaapkamer, tot in het hart van een folie à deux, tot in de afgrond van twee dolende zielen. Het zijn allebei ware page turners, en je schaamt je al snel voor je eigen voyeurisme. Verlustig je je in de ellende van de hoofdpersonen? Je probeert je de gêne van het lijf te houden door terug te kaatsen: is het geen exhibitionisme van de schrijvers, berekening misschien zelfs? Waarom trappen ze zichzelf, eerder nog dan elkaar, in het openbaar zo de grond in? Masochisme? Zelfkwelling tot aan de rand van zelfvernietiging, of zelfs eroverheen? Of is het uiteindelijk een wanhopige poging tot zelfbehoud, hun enig denkbare manier om te leven – en is dat ook precies de kern van wat Hilbig en Wodin verbindt?
1 2 3 4 5 6 7 8 9

|
|
|
|
parken |
|
Duizendjarig puinpark
'Kijk, hier, berenvelgras, dat heeft het hele blok overgroeid, net een vacht.' Hij tilt het groene kleed op. 'Het gaat alsmaar verder, ha, ha, het is zoiets leuks: er komen geen bloemen aan, dus mensen zien het niet.'
 |
 |
de Volkskrant |
|
|
 |
begraafplaatsen |
|
Het eerste graf
De graven zijn kleurrijk en gevarieerd: een teddybeer, een tulp, vier azen met als opschrift: ‘Buiten haar familie om was bridgen haar lust en haar leven’. Een bronzen Christus hangt aan het kruis onder een afdakje, tegen de voet staat een vakantiekiekje.
 |
 |
de Volkskrant |
|
|
 |
divers |
|
Rijpen en rotten
Hoe de komst van Turken en Marokkanen de Nederlandse fruit- en groentemarkt veranderde. En hoe lange afstanden, uitgekiende bewaartechnieken en ingenieuze veredeling in dienst staan van de grootst mogelijke afzetmarkt – en de smaak?
 |
 |
Vrij Nederland |
|
|
 |
Oost-Europa |
|
Van Brody naar Berestetsjko
Herinnert ze zich nog iets van de Pools-Russische veldtocht, van de mannen van Boedjonny? 'Wie? wie?' kraakt haar stem gretig. Ze houdt haar hand als een schelp tegen haar oor. Andrej schreeuwt de vraag in het Oekraïens, de dochter herhaalt het nog eens…
 |
 |
Steden zonder geheugen |
|
|
 |
polders |
|
Brakwaternatuur
Een dichte zwerm grote vogels. In een bocht scheren ze naar zee, als een vliegend zwart tapijt. En verderop nog een zwerm, en nog een. Hoeveel vogels verjaag ik? Het moeten er duizenden zijn, de eenzame fietser is machtig.
 |
 |
de Volkskrant |
|
|
 |
|
|
dood |
|
Leven met hiv
Acht seropositieve druggebruikers vertellen over hun leven, hun angsten, hun hoop en hun manieren om met aids om te gaan. Optimisme, woede, kracht en pessimisme wisselen elkaar af.
Sommigen blijven gebruiken, anderen stoppen met drugs.
 |
 |
Seropositief verder |
|
|
 |
parken |
|
Tweedehands park
Het avontuurlijkste park van stadsdeel Leidsche Rijn moest het worden. ‘Je moet ervoor zorgen dat in een nieuwbouwwijk niet alles veilig is, dat wordt zo saai, dat is vreselijk.’ Maar dat mislukte, de bewoners willen een normaal park voor hun deur.
 |
 |
de Volkskrant |
|
|
 |
Oost-Europa |
|
In Estland zingt de taal
Eigenlijk is het een wonder dat Estland bestaat. Een land met 1,4 miljoen inwoners, een taal die nauwelijks familie heeft en die slechts door één miljoen mensen wordt gesproken. Maar wel een taal die zingt en de blik naar het noorden drijft.
 |
 |
de Volkskrant |
|
|
 |
landschap en openbare ruimte |
|
De Blauwe Stad
In de zomer stond er nog een tentenkamp van de Verenigde Communistische Partij in het weiland, als een stuiptrekking van de Koude Oorlog. ‘Blauwe Stad, zwarte gat’. Die geluiden zijn overstemd door de marketingmythen van de Blauwe Stadjers.
 |
 |
de Volkskrant |
|
|
 |
|