• Leven met hiv


    Acht seropositieve druggebruikers vertellen over hun leven, hun angsten, hun hoop en hun manieren om met aids om te gaan. Optimisme, woede, kracht en pessimisme wisselen elkaar af. Sommigen blijven gebruiken, anderen stoppen met drugs.


  • Homo faber, was treibt dich?


    In Volker Schlöndorffs Filmadaption Homo faber steht das filmische Zeichensystem im Dienste der Liebesgeschichte und nicht der ominösen, zum Scheitern verurteilten Flucht vor dem Schicksal wie in Max Frischs Roman. Eine vergleichende Analyse.


  • Die DDR war keine Operetten-Diktatur


    Filme über die DDR-Vergangenheit haben viele Deutsche beschäftigt. War es so wie im Film, oder eher nicht? Wie viel Nostalgie gestattet man sich und wie viel Geschichtsklitterung? ?oeber Stasi-Filme und auflodernde Debatten.


  • Jagen, leven en lot


    Had ik in de tijd van mijn grootouders geleefd, dan was ik al bezweken. Dat besef ik eens te meer sinds ik jaag. Veilig zijn we niet, het is vooral een kwestie van geluk of pech – van je lot.


  • `Hier hoort geen bos´


    `Voor sommige mensen is alles wat je aan het bestaande landschap verandert vloeken in de kerk. Anderen zeggen: “Wat een geneuzel, we hebben niets meer met dat oude landschap.”´ Maar het meest verneemt hij toch: `Hier hoort geen bos.´




  • Behandelverbod, niet-reanimerenpas, euthanasieverklaring, levenswensverklaring, zorgverklaring. Wat ondertekenen we eigenlijk? Over de reikwijdte en grenzen van schriftelijke wilsverklaringen. Met actuele verwijzingen.


  • Weidmanns redding


    Iedere zeven jaar staat Bergenstadt op zijn kop: dan vieren de bewoners het traditionele volksfeest `Grensgang´. Twee veertigers houden zich afzijdig, bevinden ze zich op dood spoor of op een keerpunt in hun leven?


  • Duizendjarig puinpark


    ‘Kijk, hier, berenvelgras, dat heeft het hele blok overgroeid, net een vacht.’ Hij tilt het groene kleed op. ‘Het gaat alsmaar verder, ha, ha, het is zoiets leuks: er komen geen bloemen aan, dus mensen zien het niet.’


  • Het huis van Boelgakov


    In Kiev staat het ouderlijk huis van Michail Boelgakov. Huisnummer 13. Dat past uitstekend bij de wrangvrolijke dubbele bodems in het werk van de schrijver. Met vertaalster Aai Prins waan ik me in de roman De Witte Garde.




  • Op het zebrapad stak iemand over. Even was er geen enkele beweging op het kruispunt, niemand toeterde, belde of vloekte. Het was alsof de tijd was stilgezet. Iedereen was verzonken in het lopen van die vrouw.


  • Babel: gegrepen door geweld


    ‘Een uurlang, of nog langer misschien, heb ik hem staan trappen en schoppen en in die tijd heb ik het leven tot op de bodem gepeild’, laat Isaak Babel generaal Pavlitsjenko zeggen in Rode ruiterij. SLAA-lezing over Babels fascinatie voor geweld.


  • `Het laatste gat voor de hel´


    Hoe verliep de Wende op het Oost-Duitse platteland, ver van Berlijn en de wereldpolitiek? Verslag uit Fürstenwerder, een dorp in de Uckermark, dat begin 1990 volledig op z’n kop stond. ‘Marktfähig worden we nooit.’